Alle ballen weer op Boban Lazic

Van de blessures, de heimwee, frustraties en de wanhoop naar het geluk bij PEC Zwolle. Boban Lazic, die tot 2014 uitkwam voor Ajax, kan weer lachen. Zijn verhaal.

INTERVIEW
Jesse Wieten

Terwijl de oorlog in voormalig Joegoslavië nog in volle gang was, kwam op 29 januari 1994 in het ziekenhuis van Woerden Boban Lazic ter wereld. Zijn ouders, Rajko en Savka, afkomstig uit Banja Luka in de Republika Srpska, de Servische entiteit van Bosnië-Herzegovina, hadden hun geboortegrond al voor de geweldsuitbarsting op de Balkan achter zich gelaten. Vader werkte voor een glasbedrijf in Nederland en vestigde zich in het Zuid-Hollandse Bodegraven. Sinds 1999 heeft hij daar zijn eigen glasbedrijf, BBM Glas. En in 2010 volgde de oprichting van BBM Mobiel, een telefoonwinkel. BBM? Naar Bojan, Boban, Misel, de namen van zijn drie zonen.

De middelste zoon Boban was het grote voetbaltalent. Zijn eerste club  Rohda ’76 uit Bodegraven was logischerwijs niet het eindstation. Hij ging snel verder bij het wat grotere ARC uit Alphen aan den Rijn, waar scouts zijn kunnen mogelijk wat sneller zouden opmerken. Dat gebeurde in 2004.

Ajax

"Ik kreeg eerst een brief van Feyenoord, maar ik wilde eigenlijk niet naar Feyenoord", aldus Lazic vanuit de kantine van het IJsseldelta-stadion tegen Goal. "Ajax was mijn favoriete club. Ik zei tegen mijn moeder: ‘Ik denk dat Ajax gaat komen, dus ik wacht nog even.’ Een week later ontving ik een uitnodiging van Ajax voor een oefenduel. Dat ging goed en de volgende dag belde Danny Blind (toen hoofd jeugdopleidingen). Hij vroeg of ik bij Ajax wilde spelen. Ik zei gelijk ja. Daarna kreeg ik nog brieven van PSV en AZ, maar ik wilde maar naar één club."

Lazic bewandelde daarmee dezelfde weg als neef Vlatko Lazic (26, NAC Breda), die ook in de jeugd van Ajax speelde. De start van Boban in de E1 was allerminst veelbelovend. "Alles ging fout in de eerste vier maanden. Ik hoorde later van mijn trainer Patrick Ladru dat hij zich afvroeg waarom ze mij hadden aangenomen. Hij kan het niet, dacht hij. Ik had aanpassingsproblemen. Van Bodegraven en Alphen aan den Rijn naar Amsterdam was een grote stap, allemaal andere mensen, allemaal harder. Daar had ik moeite mee. Ik was bij Rohda en ARC de sterspeler, was gewend niks fout te kunnen doen. Alle ballen op Boban. Dat was nu anders."

Schouder

Het kwam goed met Lazic bij Ajax en hij doorliep de hele jeugdopleiding. Maar in 2010 begonnen de blessures. "Tijdens een duel met ADO Den Haag raakte mijn linkerschouder uit de kom. De fysiotherapeut zette die terug en ik kon verder spelen, maar de dag erna ging ik met Oranje Onder 17 naar San Marino voor de eliteronde in de EK-kwalificatie. Het eerste duel met Letland (1-0, goal Memphis Depay) viel ik in en dat ging goed. Maar de volgende dag op de training passeerde  ik Karim Rekik en trok hij aan mijn schouder. Voor de tweede keer uit de kom."

In het ziekenhuis van San Marino bleek de kraakbeenrand rondom de schouderkom, het labrum, dat een bumperfunctie heeft, kapot. Daar zat een scheurtje in. Lazic kon onder het mes, maar koos voor het vermijden van een operatie. Met zes weken trainen en de spieren rondom de schouder sterker maken zou het probleem ook verholpen kunnen worden.

Met de A1 werd Lazic in het seizoen 2011/2012 kampioen en haalde hij met onder anderen Viktor Fischer en Davy Klaassen de finale van de NextGen Series, de eerste versie van de Champions League voor jeugdteams. Ook dat seizoen kreeg hij echter last van zijn schouder. Eind september in het duel met het Noorse Rosenborg in Trondheim (1-2 winst) viel hij al vroeg geblesseerd uit. "Het had de hele dag geregend en het veld was nat. Ik kwam verkeerd terecht na een duel. Tien minuten lag mijn schouder er weer uit. Niemand kon hem terugzetten. Totdat de arts van Rosenborg dat wel deed. Daarna weer revalideren. Ik werd geopereerd en was zes maanden uitgeschakeld."

Kans

Lazic kwam dat seizoen nog terug en aan het einde van die jaargang wachtte hem een beloning, een driejarig contract tot medio 2015. In de daaropvolgende jaargang kreeg het talent opnieuw last, dit keer van zijn rechterschouder, weer uit de kom. Lazic sloeg een operatie andermaal over en bleef trainen om de schouder zo sterk mogelijk te maken. Dat hielp. Hij mocht in de voorbereiding op het nieuwe seizoen meetrainen met de A-selectie, maakte zijn opwachting in oefenduels.

Tien wedstrijden speelde hij de eerste seizoenshelft voor Jong Ajax, waarvan slechts vier in de basis. Dat frustreerde hem. "Ik kreeg geen eerlijke kans. Frank de Boer bepaalt eigenlijk ook de opstelling van Jong Ajax. Als spelers van het eerste moeten spelen, moet je plaatsmaken. Zo scoorde ik tegen Jong Twente (2-1 winst) en gaf ik een assist. Ik was echt blij, was Man of the Match. De volgende wedstrijd zat ik op de bank omdat er spelers van het eerste terugkwamen. Trainer Alfons Groenendijk kwam naar me toe en zei dat het niet zijn keuze was, maar de keuze van de hoofdtrainer. Dat bleef maar doorgaan en maakte mij mentaal kapot."

Lazic hield het niet meer uit bij Ajax en belde zijn zaakwaarnemer en vertrouwensman Mino Raiola. "Ik zei tegen hem: ‘Als ik hier blijf, is mijn voetballoopbaan  voorbij. Ik kan dit niet opbrengen. Er wordt met me gespeeld, ik krijg geen eerlijke kans.’ Mino zag dat ook in en ging voor me zoeken."

Buitenland

"Toen kwam Mino met Rennes aanzetten", aldus Lazic. "Ik heb twee dagen met het tweede getraind en daarna met het eerste. Ze vonden me goed en wilden me aannemen, maar ik vond het niks. Dat lag aan het voetbal. Ik heb tien jaar bij Ajax gespeeld, ben gewend van achteruit op te bouwen. Bij Rennes speelden ze allemaal lange ballen. Ze hadden alleen maar grote sterke spelers en gooiden alles op fysiek. We speelden een kleine partij en ik kwam de bal ophalen bij de keeper. Ik stond vrij maar hij speelde diep en verspeelde de bal. Ik vroeg waarom hij de bal niet naar mij speelde. ‘Nee, we moeten vooruit naar het doel’, reageerde hij."

"Ik belde gelijk Mino op en zei dat ik hier niet wilde blijven", vervolgt Lazic. "Hij ging helemaal uit zijn dak, werd boos. ‘Waarom? Ze willen je graag hebben, willen je een contract  voor drie jaar aanbieden’, zei Mino. Ik zei: Ik wil het niet."

Op 31 januari om 12.05 uur ging de telefoon van Lazic. Weer Raiola aan de lijn. "Hij zei: ‘Olympiakos heeft interesse.’ Ik zei: ‘Laat me even nadenken.’  Ik hing op en ging kijken op internet wat voor club het was en ik belde mijn vader. Die zei nee. Hij vroeg zich af of ik mijn geld wel zou krijgen. Ik zag het wel zitten. Roodwit net als Ajax, het Ajax van Griekenland. ‘Ja, ik wil het proberen’, vertelde ik Mino. Hij zei: ‘Ik weet niet of ik dat red vandaag. We moeten je contract ontbinden bij Ajax.’ Ik gelijk mijn vader bellen. ‘Wat? Contract ontbinden bij Ajax. Nee, niet doen’, zei hij. Uiteindelijk werd om 20.30 uur mijn contract bij Ajax ontbonden en de volgende dag kwam mijn overgang naar Olympiakos rond."

Heimwee

De start in Griekenland was dramatisch. "Ik had me net voorgesteld en trainde ’s avonds mee met het tweede. Tien minuten stond ik in het veld en bij een pass- en trapoefening sprong ik op om een slechte bal goed te maken. Ik kwam verkeerd terecht en ging door mijn enkel. Voorste enkelband ingescheurd. Dit kan niet waar zijn, dacht ik. Ik kon het niet geloven. Weer drie maanden uitgeschakeld."

Toen begon de revalidatie in Griekenland en die viel niet mee, niet eens zozeer vanwege de trainingen met de fysiotherapeut. Nee, hij miste zijn familie. "De eerste drie weken gingen goed, maar daarna wilde ik naar huis. Ik voelde me niet thuis in Griekenland, had heel erg heimwee. Ik lag maar op bed in mijn kamer met mijn telefoon. Elke dag belde ik naar Mino. Op een gegeven moment kwam hij langs, met Martin Jol. Die zou trainer worden van Griekse nationale elftal. Jol kwam toen naar Athene om te kijken en te praten. Met zijn drieën zijn we op pad gegaan, hebben we leuke dingen gedaan en lekker gegeten in een restaurant. Maar toen moest Mino weer gaan en voelde ik me weer alleen."

Weg

Lazic doorstond de beproeving, bleef in Griekenland. Na drie maanden revalideren was hij weer fit en mocht hij zijn eerste wedstrijd spelen met het tweede.  "We moesten zeven uur rijden met de bus naar het noorden. Ik viel in de tweede helft in en gaf een assist. We verloren met 3-2 en ik was gefrustreerd, omdat sommige jongens niet hun best deden. Ik kreeg woorden met de trainer, Bernd Storck, een Duitser, nu bondscoach van Hongarije. Ik schold hem uit in het Servisch, maar dat had ik beter niet kunnen doen. Hij had bij Partizan Belgrado gewerkt en had alles verstaan. Na de busreis terug heb ik mijn excuses aangeboden, maar hij had het al doorgegeven aan de directie. Ik kreeg een boete van 500 euro."

Later vond Lazic zijn draai, kreeg hij een betere band met de trainer, begon hij te scoren, gaf hij assists en mocht hij meetrainen met het eerste. Maar toekomst zag hij niet in Griekenland, ondanks dat Olympiakos de optie tot verlenging van zijn contract met drie jaar wilde lichten. "Ze wilden me eerst een jaar verhuren aan OFI Kreta. Dat wilde ik helemaal niet. Toen heb ik alles afgeblazen. Ik moest nog twee weken doortrainen, maar werd helemaal gek, heb mijn spullen gepakt en ben naar huis gegaan."

Nieuwe tegenslag

Terwijl Raiola op zoek was naar een nieuwe werkgever, ging Lazic voor zichzelf trainen en sloeg het opnieuw noodlot toe. Tijdens een hardloopsessie in Bodegraven stapte hij op een tak en liep hij een scheurtje op aan zijn enkelband. "Ik belde Mino en hij ging helemaal uit zijn dak. Hij kon niet geloven dat ik zoveel ongeluk had."

Hij vertelt zijn verhaal met een glimlach. Nu kan hij wel lachen om zoveel ongeluk, maar toen kon hij wel janken.

Lazic trainde zichzelf weer fit en Raiola regelde voor hem onderdak bij FC Utrecht. Hij mocht meetrainen met Jong FC Utrecht van trainer Robin Pronk, die hij nog kende van de B1 van Ajax. Utrecht bood hem daarna zelfs een contract aan, maar dat was financieel niet aantrekkelijk genoeg voor Lazic. Toen kwam Raiola met Hull City op de proppen, toen nog uitkomend in de Premier League.

"Nee, niet weer naar het buitenland, dacht ik, maar ik had geen keuze", aldus Lazic. "Van rustig opbouwen was in Engeland geen sprake. Ik trainde vier dagen voluit mee. Na de vierde dag wilde ik ’s ochtends opstaan, maar ik kon me niet meer bewegen. Mijn broer was bij me en ik zei tegen hem:  ‘Ik kan niet meer lopen, ik kan niet trainen, alles zit vast.’ Toen zijn we naar het ziekenhuis gegaan en bleek dat ik liesbreuk had, al langere tijd. Ik heb er gewoon mee doorgespeeld. Weer een tegenslag. Ik moest worden geopereerd."

In oktober vorig jaar ging Lazic onder het mes en zocht hij een plek om te herstellen en in conditie te blijven. Want hij had nog steeds geen club. Dat deed hij bij Mike’s Gym in Amsterdam, waar ook kickboxers als Badr Hari en Gokhan Saki trainen. Hij werkte zich in het zweet met onder meer kickboxen, hardlopen en ook voetballen. "Elke dag anderhalf uur keihard trainen. De eerste drie trainingen moest ik gewoon overgegeven, zo zwaar."

Na zeven weken ging Lazic naar eigen gevoel extreem fit en vol goede moed terug naar Hull. Na enkele trainingen was dat gevoel weer weg. Hij kreeg  weer last van zijn lies. Weer moest hij naar het ziekenhuis. "Ze zeiden dat ik verkeerd had gerevalideerd, bij mijn lies was alles ontstoken. Toen moest ik weer terug naar Nederland, weer dat gezeik. Toen kwam de moeder van mijn vriendin aan met Ricardo de Sanders, fysiotherapeut van het Nederlands Elftal en arts Edwin Goedhart, ook van de KNVB. Ik mocht bij hen trainen met een programma van acht weken."

Welkom bij Zwolle

Na acht weken trainen in Zeist en inmiddels in totaal al 11.000-12.000 euro aan zelf betaalde revalidatiekosten ging het weer kriebelen bij Lazic. Hij wilde meetrainen bij een club en belde Raiola. Direct teruggaan naar Hull City, waar hij nog steeds welkom was, zag Lazic nog niet zitten. Hij wilde eerst bij een Nederlandse club helemaal fit worden om dan aan te sluiten bij Hull. Raiola kwam met PEC Zwolle. De aanvaller was welkom bij Jong Zwolle, van coach Gert Peter de Gunst.

"Ik trainde heel goed, stak er gelijk bovenuit en Gert Peter was echt tevreden", aldus Lazic. "Hij stapte daarom op Ron Jans af en zei dat hij een goede speler had die een kans zou moeten krijgen in de voorbereiding op volgend seizoen. Jans stemde daarmee in en ik belde weer met Mino. ‘Ik denk dat je dat moet doen’, zei Mino. En ik deed het."

Gert Peter de Gunst loopt toevallig voorbij, richting het hoofdveld, de deur staat open . "Waarom moet jij nou geïnterviewd worden?” stelt hij voor de grap. "Mooie verhalen", stelt de Goal-verslaggever. "Ik heb uw naam genoemd hoor", zegt Lazic met een glimlach.

De oefenstage pakte goed uit. Lazic greep zijn kans en kreeg bij PEC een contract voor een jaar. Inmiddels maakte hij als invaller tegen De Graafschap (0-3 winst) zijn Eredivisiedebuut en tegen FC Twente (2-1 zege) deed hij opnieuw mee. "Ik voel me echt gelukkig hier en ben helemaal fit (hij klopt even af op de tafel). Conditioneel moet ik nog wel sterker worden."

Bij PEC trof hij voormalig Ajax-teamgenoten Queensy Menig, Abdelmalik El Hasnaoui, Sheraldo Becker en Mickey van der Hart. "Met Appie (El Hasnaoui) heb ik tien jaar gespeeld bij Ajax en met Sheraldo, Queensy en Mickey ook veel. We zijn vrienden."

Warmste club

PEC Zwolle verloste en verraste Lazic. "Ik heb Ajax, Hull, Rennes, Utrecht, Olympiakos gezien, maar PEC is de warmste club die ik heb meegemaakt. Iedereen is vriendelijk. Op de training wordt natuurlijk honderd procent inzet geëist, maar je wordt niet gedwongen dingen te doen. Bij Ajax moest je dit en dat, alles. moest. Hier heb je meer vrijheid."

Trainer Ron Jans is voor Lazic ook een openbaring. "Hij praat elke training twee, drie minuten met me. Dat heb nog nooit meegemaakt. Hij komt naar me toe, lacht en dat geeft me zoveel vertrouwen. Dat heb ik nodig. Ik houd ervan als de trainer met me praat en de trainer met me bezig is. Hij moet zeggen als iets niet goed is, maar ook als iets goed is."

Kortom, Lazic voelt zich prettig bij de club, voelt vertrouwen van de trainer en heeft zijn familie weer aan zijn zijde. Hij pendelt op en neer tussen zijn appartement in Zwolle, zijn ouderlijk huis in Bodegraven en zijn vriendin in Amsterdam. Voor de dribbelaar ideale omstandigheden om tot wasdom te komen, een basisplaats te veroveren en te schitteren. Alle ballen weer op Boban.