thumbnail Hallo,

Ron Vlaar speelde zaterdag zwak tegen Japan, maar begon dinsdag tegen Colombia (0-0) opnieuw in de basis van Oranje. De verdediger van Aston Villa was een stuk beter op dreef.

Door Jesse Wieten
AMSTERDAM

Vlaar was blij met zijn kans op revanche. “Ik ben nooit bang om te spelen”, aldus de verdediger van Aston Villa tegen Goal. “Mijn kwaliteiten liggen niet in de opbouw, maar normaal gesproken ben ik welk vast in de passing. Zaterdag echter niet. Als linker centrale verdediger heb ik het in de kwalificatie goed ingevuld. Ik ben redelijk tweebenig, dus dat kan ik goed. Zaterdag was onvoldoende. Klaar. Vandaag ging het een stuk beter, hoewel ik een paar keer balverlies heb geleden.”

Het Nederlands Elftal speelde dinsdag met Vlaar en  Joël Veltman als centrale verdedigers. Beiden moesten het Colombiaanse gevaar Radamel Falcao in toom houden. Dat lukte, want de spits van AS Monaco scoorde niet en was ook niet echt gevaarlijk. “Joël verdient een compliment om zo te spelen bij zij eerste duel op dit niveau. Falcao stond meer aan zijn kant. Eén stapje meer naar links of rechts kan al dodelijk zijn. Ze speelden de bal er ook een paar keer overheen, maar toen deed Jasper (Cillessen) goed mee.”

"Als team gevochten"
“Het hele team verdient ook een compliment”, vervolgt Vlaar. “We wisten dat we zaterdag niet goed hebben gespeeld en hadden vandaag de kans om ons te revancheren. Tegen een ploeg met veel individuele kwaliteiten. We hebben als team een signaal afgegeven. Als team hebben we gevochten voor wat we waard waren. Zij hebben kansen gehad, maar wij ook. Op een gegeven moment gingen we zelfs pressing spelen met tien man. Dat zegt wat over het vertrouwen. Ik ben er trost op dat we bleven gaan en nauwelijks in de problemen zijn gekomen.”

“Zoals we vandaag als team speelden, is het begin, de basis”, besluit de verdediger. “Dat moeten we vasthouden. We misten nu de individuele klasse van spelers als Robin van Persie en Arjen Robben, dus dit voelt als een gewonnen punt. Als we deze teamprestatie vasthouden en die jongens zijn er weer bij, kunnen zij het verschil voor ons maken.”

Gerelateerd