thumbnail Hallo,

Eric Abidal, André-Pierre Gignac, Samir Nasri; de Franse bondscoach Didier Deschamps valt terug op oudgedienden om terug te keren aan de top van het internationale voetbal.

Vier interlands achtereen zonder overwinning. Een trieste balans voor een ploeg, die ieder toernooi toch weer tot de favorieten voor de winst behoort. Het aanmodderen is voor Deschamps en kornuiten voorbij; de onervaren talenten moeten plaatsmaken voor zij die jaren wachtten op hun rentree bij De Goudhaantjes.

De boodschap van Deschamps is duidelijk: voor een ommekeer is effectief selectiebeleid nodig. En dus hoeven spelers die niet bij hun club presteren, ook niet meer te rekenen op een plekje in de Franse nationale ploeg. Wil je kans maken op een uitnodiging, moet je laten zien dat je iets kunt toevoegen.

Gebrek aan ervaring én scorend vermogen
Drie logische stappen in dat effectieve selectiebeleid zijn de herenigingen met Abidal, Gignac en Nasri. De huidige problematiek binnen de Franse nationale ploeg richt zich vooral op het gebrek aan ervaring én scorend vermogen. Paul Pogba, Geoffrey Kondogbia, Eliaquim Mangala, Joshua Guilavogui, Etienne Capoue; ze spelen allemaal al op jonge leeftijd een prominente rol bij de manschappen van Deschamps, maar veel levert het niet op. De Franse media vragen zich bovendien hardop af wanneer de bondscoach de trekker overhaalt om het tegenvallende doelpuntenaantal op te krikken. Het stikt van de peilingen waarin om het hoofd van Karim Benzema wordt geschreeuwd.

De 34-jarige Abidal, die met FC Barcelona jarenlang deel uitmaakte van het internationale topvoetbal, is misschien wel de leermeester die Deschamps voor ogen heeft. Nasri, hoewel bekend om zijn omstreden gedrag, mag ook zeker niet klagen om zijn ervaring aan de top. Met Gignac haalt de keuzeheer één van de beste spitsen van dit moment in de Franse Ligue 1 bij zijn selectie. De voormalige aanvaller van Toulouse houdt samen met Dimitri Payet de motor draaiende bij Olympique Marseille en een selectie kon niet uitblijven. Al moesten hij en Deschamps – eerder trainer bij Marseille -  eerst een conflict bijleggen om tot het gewenste resultaat te komen.

Ordinaire wapenwedloop
De Franse ploeg is misschien wel het grootste slachtoffer van de stormachtige ontwikkeling van de Ligue 1. De competitie draagt niet langer een opleidingspredikaat, maar heeft tegenwoordig meer weg van een ordinaire wapenwedloop. Hoe duurder, hoe beter; ongeacht het land van herkomst. En dus zijn het niet de Thierry Henry’s en de David Trezeguets die zich via AS Monaco naar de internationale top werken, maar de Radamel Falcao’s en de Edinson Cavani’s die naar Franse topclubs worden gehaald voor een constante kwaliteitsgarantie.

De toekomst van het Franse voetbal ligt bij clubs als Olympique Lyon en Olympique Marseille, waar talenten vanwege geldgebrek altijd op een kans in de hoofdmacht kunnen rekenen. Misschien toevallig twee clubs die aan de basis stonden en staan van de (internationale) carrières van Abidal, Gignac en Nasri. Tegen Georgië en Wit-Rusland mogen zij laten zien of Deschamps’ renaissance zijn vruchten afwerpt.