thumbnail Hallo,

Goal-verslaggever Jesse Wieten verblijft tijdens het WK in twee kampen, het Nederlandse en het Bosnische. Vandaag deel 28 van zijn blog: over een bezoek aan Botafogo.

Door Jesse Wieten
RIO DE JANEIRO

Rio de Janeiro heeft met Flamengo, Fluminense, Vasco da Gama en Botafogo vier grote voetbalclubs. Ik bezoek Botafogo, de club waar Clarence Seedorf de laatste twee jaar van zijn loopbaan doorbracht. Dat wil zeggen: ik ga naar de plek waar vroeger het Estadio General Severiano stond, het oude stadion.

Aan de ene kant van de straat tref ik nu prachtige muurschilderingen van clubhelden, in de clubkleuren zwart en wit. En aan de andere kant een complex, waar nog tal van activiteiten plaatsvinden. Het eerste team speelt of traint er echter niet meer.

Rondleiding
De FIFA heeft er tijdens het WK een ticketpoint, er is een sportzaal, een restaurant, een perszaal, een verlaten trainingsveld en nog veel meer. Ik krijg een exclusieve rondleiding van Cassio, fan van Botafogo uiteraard. Hij vertelt me dat Seedorf hier nog wel trainde en persconferenties gaf.  Cassio leidt me langs de eregalerij, te beginnen met een afbeelding van de eerste prijs, in 1906, gewonnen door de roeitak.

Botafogo is meer dan een voetbalclub. De voetbalsectie pakte een jaar later de eerste titel. Toen de roei- en de voetbalclub in 1942 fuseerden, werd de witte ster op de zwarte achtergrond het clubsymbool.

Prijzenkast
Cassio opent de deur naar meer foto’s en verhalen. We lopen op een groen vloerkleed door een gang omgeven door foto’s en verhalen. De tunnel der tijd. Uit de boxen klinkt het gezang van supporters van Botafogo. We passeren de grootste clubhelden, Nilton Santos en Garrincha. Dan komen we uit bij de prijzenkast. Die is best groot, zo lijkt het. Alleen zijn die prijzen niet alleen van de voetbalclub, maar van alle sportafdelingen. Ook alle lokale prijzen staan uitgestald.

Ik vraag Cassio hoeveel Braziliaanse voetballandstitels Botafogo eigenlijk heeft gewonnen. “Twee”, zegt hij, met een verontschuldigende glimlach. “In 1968 en 1995”. De laatste prijzen uit de rijke loopbaan van Clarence Seedorf staan ook achter glas, de Taça Rio en de Taça Guanabara.

Shirt
Van Seedorf geen shirt of foto in het museum. Daarvoor moet ik even naar de fanshop. Achter de balie een ingelijst shirt met op de rug Seedorf. Ik vraag de verkoper naar de verkoopcijfers van shirts met de naam Seedorf. Die zijn nog steeds goed, zegt hij. Op het shirt van vorig seizoen is Seedorf nog steeds de meest gedrukte naam. Op het tricot van deze jaargang is Emerson koploper.

Een koppel uit China koopt zo’n shirt van vorig seizoen. En jawel, ze laten de naam Seedorf op de rug drukken. Mijn vraag: “Waarom Seedorf?” De Chinees, genaamd Zhao, antwoordt: “Seedorf is de enige speler van Botafogo die ik ken.” En zijn vriendin Jingjing is fan van AC Milan. Ze baalt van het ontslag van coach Seedorf.

“Doe mij ook maar zo’n shirt van vorig seizoen”, zeg ik tegen de verkoper. “Met Seedorf op de rug.”