thumbnail Hallo,

Als Jong Oranje in 2013 op het EK echt met de beste spelers van deze generatie aantreedt, betekent dat een breuk met het verleden. De besten bleven voorheen bij het A-elftal.

Aan het EK -21 van volgend jaar mogen spelers meedoen die na 1 januari 1990 zijn geboren. Voor A-bondscoach Louis van Gaal is het belangrijk dat Jong Oranje met zijn beste spelers naar Israël reist. "Wij spelen vriendschappelijk tegen China en Indonesië en Jong Oranje kan een geweldig toernooi spelen. Dan is de keuze makkelijk", liet Van Gaal eerder weten.

"Het EK is een geweldige stap, een tussenstation in de ontwikkeling van Nederlandse spelers. Het is belangrijk voor die jongens om zo’n toernooi te spelen tegen leeftijdsgenoten." De woorden van Van Gaal klonken Jong Oranje-trainer Cor Pot als muziek in de oren.

Voor dat toernooi komen diverse spelers in aanmerking die al een A-interland achter hun naam hebben staan, zoals Kevin Strootman, Jetro Willems, Bruno Martins Indi, Luciano Narsingh, Ricardo van Rhijn, Adam Maher, Jordy Clasie, Stefan de Vrij, Jeffrey Bruma, Georginio Wijnaldum en Luuk de Jong. Dat is al een heel A-elftal.

In het verleden ging het anders en deden de beste spelers over het algemeen juist niet mee. Het EK -21 wordt sinds 1994 in toernooivorm op één locatie gespeeld. Nederland nam sinds dat jaar deel aan de eindtoernooien van 1998, 2000, 2006 en 2007.

Zonder Seedorf en Kluivert
Op het EK -21 van 1998 in Roemenië werd Jong Oranje vierde met onder anderen de tien latere internationals Mario Melchiot, Niels Oude Kamphuis, Mark van Bommel, Martijn Reuser, Arnold Bruggink, Roy Makaay, Patrick Paauwe, Ruud van Nistelrooy, Fernando Ricksen en George Boateng in de selectie. Dat team had echter veel sterker kunnen zijn met bijvoorbeeld Patrick Kluivert, Clarence Seedorf, Boudewijn Zenden en Giovanni van Bronckhorst in de gelederen. Die vier speelden later die zomer echter het WK in Frankrijk.

Twee jaar later op het EK -21 in Slowakije werd een mindere lichting al in de groepsfase uitgeschakeld. Dat team telde zeven latere internationals, Mark van Bommel, Wilfred Bouma, Victor Sikora, Jan Vennegoor of Hesselink, Peter Wisgerhof, Niels Oude Kamphuis en Dirk Kuyt. Beter was niet voorhanden.

Zonder Van Persie, Van der Vaart, Robben en Sneijder
In 2006 en 2007 werd Jong Oranje onder leiding van Foppe de Haan twee keer Europees kampioen. Vaak valt te lezen dat er zo weinig terecht is gekomen van die lichting kampioenen. Dat valt eigenlijk wel mee. Tien spelers van 2006 werden Nederlands international: Ron Vlaar, Edson Braafheid, Nick Hofs, Stijn Schaars, Urby Emanuelson, Romeo Castelen, Klaas-Jan Huntelaar, Collins John, Demy de Zeeuw en Michel Vorm. Bovendien waren de sterren van die generatie, Rafael van der Vaart, Wesley Sneijder, John Heitinga, Robin van Persie, Arjen Robben en Nigel de Jong al A-international en dus absent.

De selectie van het EK van 2007 telde met Ron Vlaar, Royston Drenthe, Hedwiges Maduro, Ryan Babel, Otman Bakkal, Roy Beerens, Tim Krul en Erik Pieters acht latere internationals. Daarnaast was Ibrahim Afellay geblesseerd en hadden ook Stijn Schaars, Wesley Sneijder, Arjen Robben en Nigel de Jong op grond van hun leeftijd mee kunnen doen.

Voor het eerst sinds 2007 doet Nederland volgend jaar weer mee aan het EK onder 21, dit keer mogelijk wel met zijn beste spelers. Je zou je op basis van het verleden kunnen afvragen of die beste spelers zo’n toernooi wel nodig hebben. Misschien kunnen net iets mindere spelers die toernooi-ervaring juist beter gebruiken. Om zo de generatie in de breedte nog sterker te maken.

Gerelateerd