thumbnail Hallo,

De grote sterren van Manchester City straalden woensdagavond tegen Ajax niet op het veld, maar ook niet buiten het veld. Over boze blikken vangen in de mixed zone.

Door Jesse Wieten
AMSTERDAM

De Europese voetbalbond UEFA verplicht iedere speler om na afloop van een Europees duel een rondje te maken langs de media. Na de 3-1 nederlaag in Amsterdam ontkomen ook de verliezers van de avond niet aan die plichtpleging.

Mario Balotelli is de eerste City-speler die in het gezichtsveld verschijnt. Als de perschef van City hem duidelijk maakt dat hij eerst het rondje moet maken voordat hij in de spelersbus mag gaan zitten, sputtert hij tegen. Met afkeurende woorden en gebaren maakt de Italiaan kenbaar daarin geen zin te hebben. Uiteindelijk gaat hij toch maar in op de smeekbede van de perschef en baant hij zich op zevenmijlslaarzen over het groene kleedje van de mixed zone, het gezicht op onweer, de blik op de uitgang.

Samir Nasri is de volgende naam die zijn intrede doet. Laat ik eens een poging wagen, denk ik. De Fransman had een mooi doelpunt gemaakt. “Samir, got a minute….?”, vraag ik. Nasri wuift mijn verzoek met een simpel handje weg.  De volgende dan: Carlos Tévez. Bijna verbaasd dat ik het waag hem aan te spreken, antwoordt hij met een Argentijnse grimas en een lichte schudding van het hoofd. Zijn landgenoot Sergio Agüero geeft me precies dezelfde reactie. Een Argentijnse gewoonte wellicht?

De sterren van City voelden er weinig voor om verslaggevers na afloop te woord te staan.

Dan mijn grote vriend Edin Džeko. Mijn hoop is op de sympathieke Bosnier gevestigd. Hem heb ik eerder ontmoet en toen was hij bijzonder vriendelijk. Dit keer niet. “Edin?” roep ik. De aanvaller kijkt naar mijn voice-recorder, werpt me een kwade blik toe en loopt snel verder. Bij mijn laatste poging ga ik voor een op het oog makkelijke prooi: Yaya Touré. De middenvelder is in ieder geval niet zo snel als zijn teamgenoten. Hij is geblesseerd. Ook de Ivoriaan krijg ik echter niet tot stilstand. Touré schudt nee en hinkt vrolijk verder. Wie praten er uiteindelijk wel? Een Joleon Lescott, een Gareth Barry, de brave Britten. De buitenlandse diva’s bieden louter boze blikken.

Gerelateerd