thumbnail Hallo,

Een verrassende naam in de selectie van Oranje voor de trip richting Azië is Ricky van Wolfswinkel (24). De aanvaller speelde in augustus 2010 zijn voorlopig enige interland.

Door Guus Hetterscheid
HOENDERLOO


Van Wolfswinkel speelde de afgelopen twee seizoenen voor Sporting CP in Lissabon, maar vertrekt deze zomer naar het Engelse Norwich City. Voordat hij zich bij de nummer elf van de Premier League meldt, stapt de spits eerst met Oranje op het vliegtuig naar Indonesië en China.

Het is bijna drie jaar geleden dat je bij het Nederlands elftal zat. Kwam de uitnodiging voor deze trip als een verrassing?

“Enigszins wel. Als je zo lang niet bij bent geweest is het natuurlijk een verrassing. Ik heb alleen altijd indirect, via Danny Blind (assistent), contact gehad met de bondscoach. Ik weet niet of de bondscoach ook zelf is komen kijken. Maar ze hebben ook alle beelden gezien. Ik ben voor hun altijd in beeld geweest. Ik weet dat ik werd gevolgd. Dat is wel lekker om te weten. Na mijn eerste interland hoorde ik niets meer. Dan weet je niet of je in beeld bent. Voor jonge jongens is het prettig om te weten of je dicht tegen het Nederlands elftal aan zit en dat je wordt gevolgd.”

Waar heb je het dan zoal over met Blind?

“Over van alles. Hij praat met je over wedstrijden. Over situaties in de wedstrijd. Hij vond het bijvoorbeeld goed dat ik bij Sporting weleens uit de spits terug zakte. Dat wil hij ook zien bij Oranje. Het is fijn om te weten dat je in beeld blijft. Dat was bij de vorige bondscoach anders.”

In augustus 2010 debuteerde je onder Bert van Marwijk in Oranje. Het was jouw eerste en voorlopig enige optreden in het Nederlands elftal. Hoe kijk je terug op dat duel in Kiev?

“Ik kan me er weinig van herinneringen. Was het heel heet? Dat zou ik niet meer weten. Het was geloof ik tegen Rusland. Nee, geintje. Ik weet dat het Oekraïne was. Ik was er voor het eerst bij en dan maakt alles indruk. Het was een hele ervaring. Mijn wedstrijdshirt hangt in mijn ouderlijk huis. Ik weet nog dat de materiaalman van Oekraïne bij ons de kleedkamer in kwam met een shirt van Shevchenko. Ik wilde alleen niet ruilen. Het was een speciaal shirt voor mij. Ik was erg trots dat ik bij het Nederlandse elftal zat en ook direct speelde. Het Nederlandse elftal is de top.”

Nu maak je na drie jaar weer kans op speeltijd bij Oranje. Duurde het zo lang vanwege de concurrentie onder spitsen of speelt het ook mee dat je in Portugal niet direct opvalt?

“Ik heb uiteindelijk goed gepresteerd bij Sporting, maar in Nederland zien mensen alleen mijn naam op teletekst als ik scoor. De wedstrijdbeelden zien ze niet. De duels worden in Nederland niet uitgezonden. De bondscoach hield vast aan een vaste groep. Dat is nu iets anders. Er zijn ook veel goede spitsen bij het Nederlands elftal. Of ik daarvan baal? Nee, kom op. Ik kan ook genieten van het spel van Robin van Persie. Hij behoort tot de wereldtop. Hij maakt fantastische jaren door. Ik verwacht dat hij speelt in Azië. Hij is dé spits van Oranje. Ik zit graag achter hem. Prima.”

Is het trouwens niet vervelend om uren in het vliegtuig moet zitten voor twee interlands tegen niet heel hoog aangeschreven tegenstanders? Of is zo’n trip ook voor teambuilding?

“Nee hoor, mij hoor je niet klagen. Ik ben hartstikke blij dat ik er bij ben. Ik wil speelminuten maken en ga voor mijn tweede interland. Het maakt me niet uit hoe lang ik in het vliegtuig moet zitten. Ook al gaan de wedstrijden nergens om, je wilt altijd winnen. Voor veel jongens is dit ook een kans om zich te laten zien. De trainingen waren best pittig. Het niveau was erg hoog. We moeten de focus vasthouden. We nemen deze trip serieus. Een te ontspannen sfeer is niet goed.”

Je komt een aantal oude bekenden tegen, zoals Michel Vorm die je kent van FC Utrecht. Je hebt de komende dagen ruim de tijd om even bij te kletsen.

“Ik ken veel jongens van Jong Oranje en een paar van Utrecht. Het is leuk om hen weer te zien. Het is ook fijn om weer in een nieuwe omgeving te zijn. Ik heb bij Sporting twee jaar dezelfde mensen om mij heen gehad en me twee jaar aan dezelfde regels moeten houden. Het is hier echt anders. De Nederlandse en Portugese voetbalschool liggen ver uit elkaar. Hier is alles ook wat beter geregeld. In Portugal is het vaak zo van: het komt op z’n tijd. Al heeft dat ook zijn charme.”

Je hoopt nu op speelminuten in Azië. Maar waar ben je over een jaar rond deze tijd?

“Ik hoop in het vliegtuig naar Brazilië. Dat zou mooi zijn. Het is voor mij komend seizoen belangrijk om te spelen bij Norwich City en mijn doelpunten maken. Ik kan trouwens ook als vertaler mee naar het WK. Ik spreek een beetje Portugees. Misschien niet vloeiend genoeg. Maar ik red me wel. Ik ga nu eerst genieten van de oefentrip en dan zien we wat de toekomst brengt.”